Donderdag 18 juni was het zover. We gaan zweefvliegen op het Nationaal Zweefvliegcentrum Terlet bij Arnhem.
Marion kon niet wachten en was ons al een dag eerder vooruitgesneld. Ons zijn Frans die keurig op het afgesproken tijdstip 10:45 uur aanwezig was, Rob en Lisette die dachten we komen een uurtje eerder. Eef heeft vast wel koffie met wat lekkers. José kwam op de fiets uit Driebergen naar Odijk. Keurig op tijd togen we naar Terlet waar we om 11:35 uur Marion op het terras aan de koffie met een enorme appelpunt in het zonnetje vonden.
Iets over 12 uur werden we opgehaald door Ludo de vluchtleider. Achter zijn barrel zonder nummerplaten reden we naar de Strip. Dit is hoe de start- en landingsplaats heet. Hier vertelde Ludo over het zweefvliegen. Leerzaam als dit de eerste keer is dat je dit doet. We moesten wachten op de nieuwe serie lieren die met een speciale auto werden gebracht. In de tussentijd vertelde Ludo ook over het zweefvliegtuig zelf.
En toen was het zover. José mocht het spits afbijten voor een proefvlucht. Aan de lierkabel (1 km lang) ga je van 0-100 in 3 seconden. Op een hoogte van ongeveer 300 meter wordt de lier ontkoppeld en vlieg je vrij als een vogel in de lucht. Dan is het voor de piloot zaak een thermiekbel te vinden waarmee hoogte kan worden gewonnen en gehouden. Lukt dat dan kun je heel lang in de lucht blijven door van thermiekbel naar thermiekbel te vliegen. Steeds maar weer dalen en dan weer stijgen. Ludo vertelde dat niet zolang geleden een clublid van Terlet naar Berlijn was gevlogen in ongeveer 7,5 uur. Maar goed terug naar José. Die had een beetje pech dat de piloot niet tijdig een thermiekbel kon vinden. Daardoor stond ze al na iets meer dan 6 minuten weer aan de grond. Reden voor de vluchtleiding haar nog een tweede kans te geven. Die ging wel volgens plan.
Hierna vlogen Lisette, Rob, Marion, Frans en uw redacteur hun proefvlucht. Allen bijna of iets meer dan 20 minuten. Lisette kwam tot 700 meter hoog en was 24 minuten in de lucht.
Tijd om afscheid te nemen van de mensen van de vliegclub GAE en terug te gaan naar het restaurant voor ‘het rondje van Coos’ ofwel de WVMN. Wat fris waren we wel aan toe. Het was knap heet in het open veld. Skuumkopkes, wit wijntje en een Radler vergezeld van een kleine bruine fruitschaal. We lieten het ons in de schaduw op het terras goed smaken.
Aan alles komt een eind. Rond de klok van drie keken we nog 1 keer naar waar het allemaal gebeurde en reden we huiswaarts. Een gezellige en geslaagde middag. Wat rest zijn de beelden. Die staan in een album. Gebruik de knop hieronder om ze te bekijken.
Eef